Laura experimenteert: leven zoals in de seventies

Een week lang zonder mobiele telefoon, laptop en Netflix

Anno 2019 lijkt het net of internet onmisbaar is. Maar hoe deed men dat in de jaren '70? Om daarachter te komen besloot journalist Laura Hofenk om een week lang te leven zoals in de seventies. Haar eigen huis is het perfecte decor voor dit experiment: het is tot in detail ingericht in het kenmerkende oranje, bruin en paars. Maar écht leven zoals in die tijd, dat lijkt haar toch een ware uitdaging. Voor NieuwLicht besloot ze daarom een dagboek bij te houden.

Laura experimenteert: leven zoals in de seventies

Vrijdag

Om 12 uur ’s middags gaat mijn mobiel uit. In één ruk lees ik een boek uit. Op mijn werk is het borreltijd en ABBA gaat op hoog volume aan. Ik dans in mijn bloemetjesjurk, lepel de nodige advocaatjes met slagroom weg en eindig de dag met Pim Pam Pet, kwartet en Bingo.

 

Zaterdag

Vandaag moet ik naar een voor mij onbekend adres in Utrecht. Zonder mijn reis te plannen ga ik naar de bushalte. Op het station lees ik een krant. Eindelijk, nieuws! Aangekomen op Utrecht Centraal heb ik geen flauw idee waar ik heen moet. Ik stap de OV-service binnen. Wat fijn dat dit nog bestaat, denk ik.
Fout gedacht. Voor me in de rij staan vijftien Chinezen verveeld voor zich uit te kijken.

Bij de bushalte vraag ik meerdere mensen om de weg. “Moet je effe op Google Maps kijken” reageert een behulpzame voorbijganger. Thanks, dude.

Die middag komt er op meerdere telefoons een NL Alert binnen. Nieuwsjunkie als ik ben wil ik direct de NOS-app checken. Maar helaas, ik moet wachten tot vanavond. Misschien haal ik het 8 uurjournaal nog. Ik voel me buitengesloten, alsof de hele wereld iets geheimhoudt voor mij.

Zondag

Het is zondag en mijn oranje draaischijftelefoon maakt overuren. Ik ervaar nu al veel meer ruimte in mijn hoofd om lange gesprekken te voeren.
’s Avonds belt een vriend terwijl ik net aan het koken ben. Timing is alles. Ik moet tot drie keer toe neerleggen om in de pan te roeren. Te laat, de soep kookt hopeloos over. Hoe deden mensen dat met een vaste lijn?

Maandag

Ik wil naar de bieb om boeken te halen, want ik lees meer dan ooit tevoren. Maar is de bieb wel open op maandag? Ik ga op de gok langs. ‘Voer uw e-mailadres in’, gebied de computer me wanneer ik een boek wil reserveren. E-mail? Ik heb geen e-mail!

Wanneer ik ’s avonds met een vriendin ben merk ik op hoe irritant het is wanneer anderen op hun mobiel zitten. Ik voel me niet gezien en kijk maar een beetje om me heen tot ik de aandacht weer heb. Toch geniet ik ervan dat niemand iets van mij hoeft. Geen appjes of mailtjes waar ik over na hoef te denken. Dit experiment voelt als vakantie in eigen stad.

 

Dinsdag

Morgenavond organiseer ik een spelletjesavond. Maar hoe nodig ik mensen uit? Ik fiets naar het buurthuis en roep maar in het luchtledige rond dat iedereen welkom is. In de brievenbus ligt een lange brief en twee handgeschreven kaarten. Hoera! Ik schrijf een brief terug en besef me dat echte post me blijer maakt dan twintig appjes bij elkaar.

Ondertussen heb ik nog steeds geen flauw idee wie er naar mijn spelletjesavond komt. Het niet kunnen appen begint me een beetje te irriteren. Het voelt alsof de wereld doordraait zonder mij.

Woensdag

Met tegenzin trek ik weer een korte bloemetjesjurk aan en lees mijn derde boek uit.
Ik kook voor vrienden een typische seventies maaltijd: Smac met macaroni, kaas en ketchup. Voor wie het niet kent; don’t try this at home. Als toetje is er Saroma: opkloppudding met bananensmaak. De chemische zoetstoffen plegen een aanslag op mijn smaakpapillen.

 

Donderdag

Om vier uur heb ik een afspraak met vriendinnen in de HEMA. Ze zijn er niet. Ik staar naar mijn telefoonklapper. De telefooncel is al jaren geleden uit het straatbeeld verdwenen.

Vrijdag

Om 12 uur is het zover. Ik mag terug naar 2019!

Ik ben verbaasd over hoeveel rust en ruimte er in mijn hoofd is ontstaan. Op de momenten dat ik even niets te doen had verwerkte ik gesprekken en gebeurtenissen – in plaats van door mijn feed te scrollen. In het contact met anderen waren er geen onderliggende boodschappen of vage emoji’s die ik niet kon plaatsen. Wat een verrijking!
Maar het meest genoot ik van het leven in het hier er nu. Er waren geen verwachtingen. Ik hoefde niemand terug te bellen, te appen of te mailen. Dat levert een onbetaalbare rust op.

Een week na mijn experiment baal ik dat mijn mobiel weer aan staat. Mijn telefoon en social media doen zo’n direct appèl op me, dat ik me besef dat het merendeel van de stress die ik ervaar, gelinkt is aan het voortdurend online en bereikbaar zijn.
Internet maakt meer kapot dan ons lief is. En het ergste is dat ik het zelf niet eens doorhad, tot ik het een week vermeed. Concentratie, aandacht, contact, zien: het dooft langzaam uit. Dat wat je niet meer doet, leer je op den duur af.

Tuurlijk, mensen rookten zich in de 70’s suf en demonstreerden noodgedwongen voor gelijke rechten. Elke tijd kent zijn eigen uitdagingen. Maar het leven zonder internet, dat was zo gek nog niet.