Deze discussie ontstond na de TV-uitzending 'levenloos geboren'

De uitzending van NieuwLicht over de registratie van een kind na een abortus bracht een flinke discussie op gang. Zo diende de ChristenUnie kamervragen in naar aanleiding van onze uitzending, werden er commentaren over geschreven door de hoofdredacties van Trouw en het Reformatorisch Dagblad en ventileerden columnisten hun mening in vurige columns. In dit artikel geven we een beknopt overzicht van het gesprek in de verschillende media.

Deze discussie ontstond na de TV-uitzending 'levenloos geboren'

Kamervragen door de ChristenUnie en opinieartikel in Trouw

Naar aanleiding van het nieuws dat naar voren kwam besloten ChristenUnie-kamerleden Carla Dik-Faber en Nico Drost om Kamervragen in te dienen bij de Tweede Kamer. In deze Kamervragen komt onder andere naar voren dat Dik-Faber en Drost het wenselijk vinden dat er een maatschappelijk debat komt naar de vraag wanneer je een mens bent, en naar de vraag welke rechten hieraan verbonden aan zijn.

In een opinieartikel in Trouw onderbouwt CU-kamerlid Carla Dik-Faber deze visie. Zij argumenteert dat het voorbeeld van iemand die haar geaborteerde kindje laat registreren laat zien dat er veel vrijheid is binnen de wetgeving. Dit betekent dan ook, volgens haar, dat de overheid tegenovergestelde signalen geeft als het gaat om de rechten van ongeboren leven. Om dit duidelijk te maken moeten er daarom moeilijke vragen gesteld worden die onderzoeken wat de waarde van het leven voor de geboorte betekent.

Commentaren door hoofdredacties Trouw en Reformatorisch Dagblad

In het hoofdredactioneel commentaar in Trouw betoogt de krant dat de overheid de wet moet aanpassen zodat alleen kinderen na 24 weken kunnen worden geregistreerd. Op dit moment kunnen alle kinderen na de conceptie worden geregistreerd in het basisregister. Dit zorgt voor de nodige verwarring, schrijft de krant: “Op de vraag vanaf wanneer sprake is van een persoon geven de abortuswet en de Wet basisregistratie personen nu botsende antwoorden.” Daarom moet de wet meer ‘consistent’ worden.

Volgens het Reformatorisch Dagblad heeft ‘de Evangelische Omroep beslist iets losgemaakt met de uitzending van het programma NieuwLicht van deze week’. In haar commentaar geeft de krant duidelijk aan dat de individuele gevoelskwesties ten grondslag liggen aan de reikwijdte ligt van de wet. Daardoor wordt ook duidelijk, volgens de krant, dat als iemand een geaborteerd kindje laat inschrijven ‘het op zijn zachtst gezegd een beetje ingewikkeld is om staande te houden dat een zwangerschapsafbreking niet meer behelst dan het laten verwijderen van een klompje cellen.’ Dit is dan ook genoeg reden om de ‘Nederlandse abortuspraktijk nog eens kritisch te bezien.'

Columns in het Parool en Trouw

Columnist Roos Schlikker schrijft in haar column in Het Parool dat ze verbolgen is over het feit dat een prachtige wet waarbij ouders hun doodgeboren kinderen kunnen laten registeren nu gekaapt worden door ‘pro-lifers’ als Don Ceder en andere demonstranten. Volgens haar vermengt Don Ceder ten onrechte twee discussies: het recht op abortus en het recht op registratie. Zij stelt dat het bij deze wetten enkel zou moeten gaan om één ding:  de individuele vrijheid van mensen. Dus vrijheid om een kind te houden, maar ook de vrijheid om abortus te plegen.

Trouw-columnist Stevo Akkerman denkt hier heel anders over. Bij hem ‘wringt het dat je een geaboarteerde foetus mag registreren als doodgeboren kind’. Aan de ene kant vindt hij het goed dat de registratie van doodgeboren kinderen veel kan betekenen voor de moeders van deze kinderen, maar aan de andere kant heeft hij moeite met de dubbelzinnigheid van de twee wetten. Volgens hem hoef je geen ‘Schreeuw om Leven’-activist te zijn om te zien dat hier iets wringt. Toch, zo geeft hij ook toe, komt hij niet verder in zijn gedachten hierover.