Jan Rotmans: ‘Ik heb het al 30 jaar over verandering, maar toen veranderde ik zelf’

Hoe een zwaar ongeluk leidde tot de klimaatstrijd van Jan Rotmans

Wiskundige en hoogleraar transitiekunde Jan Rotmans is een van de belangrijkste stemmen in het klimaatdebat. Hij is wetenschapper en activist, een onmogelijke en slechte combinatie volgens een aantal collega-wetenschappers. Waar andere wetenschappers uitgaan van feiten, onderzoek en het niet ventileren van een eigen mening, motiveert Rotmans mensen over te gaan tot actie. Wat niet iedereen weet is dat zijn transitiedrift begon bij zijn eigen verandering: ‘De feitelijke kentering in mijn eigen leven was mijn eigen ongeluk.’

Jan Rotmans: ‘Ik heb het al 30 jaar over verandering, maar toen veranderde ik zelf’

Zwaar ongeluk

Elke verandering, hoe klein ook, is zinnig, zegt Rotmans. Hij gaat ervan uit dat in tijden van chaos er verandering komt vanuit de maatschappij en dat dit doorwerkt naar de top. Als Rotmans spreekt hoor je een intelligente man. Hij heeft een sterk verhaal met een doordachte boodschap. Waar dat vandaan komt wil hij graag delen. “Ik was amateurwielrenner en ging graag de bergen in. Ik fietste in Maastricht, in de Alpen en wilde als bergenliefhebber het liefst naar de Spaanse Pyreneeën. Veertien jaar geleden was het zover. In de Pyreneeën reed ik een afdaling: mijn vrouw en haar vriendin voor mij, en een vriend achter me. Maar ik werd wakker in het ziekenhuis in Lourdes. Ik was plat op mijn gezicht gevallen. Alles bleek weg: mijn neus, mijn jukbeenderen en mijn oogkassen. Ik was onherkenbaar.

Na de operaties in Frankrijk moest er gewacht worden tot de zwellingen minder werden. Een plastisch chirurg werd ingevlogen, hij heeft gewacht op mijn vrouw voor aanwijzingen, en op de foto’s hoe ik eruit zag. Toch moest hij een gok maken hoe ik zou moeten ‘worden’. In totaal heb ik 14 maanden gerevalideerd. Gelukkig had ik geen hersenschade, een helm heeft mijn leven gered. Rechts is mijn gezicht voorgoed verdoofd, daar voel ik niets meer, er zitten plaatjes titanium onder mijn huid. Mijn gezicht was compleet verbrijzeld. Mijn vrienden en mijn vrouw zeiden: ‘het valt best mee’. Later hoorde ik pas hoe erg het was. Niemand is echt eerlijk, behalve kinderen. Na twee weken was ik terug in Nederland, mijn zoon was destijds 7 jaar, hij zag me in het ziekenhuis en noemde me een monster, hij rende hard weg.  De buitenkant lijkt nu hersteld, maar van binnen voelt het anders. Kijk, het is best mooi geworden, maar als ik in de spiegel kijk, denk ik: ‘die man dat ben ik niet’. Dat idee heb ik nog steeds wel, het uiterlijk hoort niet bij mijzelf, ik heb een nieuw gezicht.”

Doen wat ik wil

“Er valt te leven met de gevolgen van het ongeluk, maar het is wel heftig. Ik heb nog steeds fysieke last van het ongeluk. Het is mijn lot. Ik heb het al 30 jaar over verandering, en dan verander je zelf. Fysiek, maar ook mentaal. Het blijft een gevecht, maar ik ben gelukkig geestelijk best sterk. Als je niet sterk bent, word je gek. Mijn gezicht is niet symmetrisch en ik ben wiskundige, dus dat is vreselijk voor mij.

 Sommigen vinden me er wel mentaal op vooruitgegaan. Want natuurlijk: balen mag, maar ik wil er niet in blijven hangen. Toen ik na het ongeluk langs niks mocht doen ben ik gaan nadenken: ‘Doe ik nu wat ik echt wil?’. Het antwoord was nee. Als wetenschapper bereikte ik met mijn schrijven hooguit 1000 mensen. Om verandering te bereiken is dat niet genoeg. Nu doe ik wat ik écht wil. Ondanks alle pijn en ongemak.

Bekijk hier het persoonlijke verhaal van Jan Rotmans in onze tv-uitzending: