Wat zijn de problemen met de huishoudelijke hulp?

Explainer over de Wet Maatschappelijke Ondersteuning

In steeds meer gemeenten wordt gekort op de huishoudelijke hulp en kwetsbare mensen komen in de knel. Die trend is ingezet met de decentralisatie van 2015. Wat is er aan de hand? Lees het in de explainer van NieuwLicht over bezuinigingen op de huishoudelijke hulp. 'Mijn hulp kwam twee keer in de week, nu nog maar één keer. Dat betekent dat ze geen tijd meer heeft om de ramen te zemen en geen boodschappen meer kan doen.'

Wat zijn de problemen met de huishoudelijke hulp?

Hoe is de huishoudelijke hulp in Nederland geregeld?

Op 1 januari 2015 werd de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 ingevoerd. Die wet volgde de eerdere Wmo uit 2007 op en leidde tot de zogenoemde decentralisatie van de zorg. Dat betekent dat sinds die datum gemeenten in plaats van de Rijksoverheid verantwoordelijk zijn voor het ondersteunen van ouderen en mensen met een beperking of chronische ziekte. Gemeenten worden geacht te zorgen dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Als iemand een aanvraag doet voor huishoudelijke hulp, gaat de gemeente onderzoeken of de hulp echt nodig is. Vaak komt er iemand van de gemeente bij mensen thuis langs, het zogenaamde 'keukentafel-gesprek’.

Wat was het doel van de decentralisatie?

Lokale overheden staan dichter bij de burgers, zo was het idee toen de Wmo werd ingevoerd, en kunnen daardoor betere zorg leveren. Dat is efficiënter én goedkoper. In bijvoorbeeld de gemeente Roosendaal is dat het geval. Acht van de tien mensen is daar positief over de kwaliteit en de ondersteuning die ze via de Wmo krijgen.

Volgens wethouder Renate Richters uit Eindhoven is de hulp de laatste jaren inderdaad soberder geworden, maar worden huizen nog steeds schoongemaakt. In de Volkskrant zegt ze dat gemeenten noodgedwongen zoeken naar manieren om de huishoudelijke ondersteuning beschikbaar en betaalbaar te houden ‘voor iedereen die dat echt nodig heeft’, 'Resultaatfinanciering’ is volgens haar te vergelijken met hoe je de glazenwasser betaalt. ‘Namelijk voor het resultaat. Het schoonmaken van je ramen. Het maakt niet uit hoe lang hij daarover doet. Het klopt dat we alleen de kamers die in gebruik zijn schoonmaken en dat er situaties zijn waarin de hulp minder tijd heeft. Voor ‘de grote schoonmaak’ vragen we eerst of mensen zelf iemand weten die hen hierbij kan helpen. Als dat niet kan, kijken we hoe we dat toch kunnen regelen. Want het doel is en blijft: een schoon huis.’

Ook Norbert Strijker uit onze community ziet de Wmo als iets positiefs. Hij is adviseur Wmo en ondersteunt cliënten met hun zoektocht naar hulp bij onder andere gemeentes en zorgaanbieders. Volgens hem is de decentralisatie geen bezuiniging, maar een goede stap naar zelfstandigheid. 'Als we ons met zijn allen gaan richten op zelfstandigheid, en leren genieten van het succes van elke creatieve oplossing (hoe klein ook), kan zorg zich concentreren op de rest. Laten we onze compassie dan actief in zetten in plaats van reactief. Actief helpen oplossen in plaats van boos worden namens iemand anders.'

Welke problemen spelen er?

De decentralisatie is in 2015 heel snel gegaan. Gemeenten zeiden voorbereid te zijn, maar in de praktijk blijkt dat niet altijd zo te zijn. Daardoor ervaren veel mensen onduidelijkheid. Je moet als cliënt heel slim zijn en bedenken wat je wel of niet vertelt tijdens het keukentafelgesprek. Coby Mansveld vertelde tegenover Omroep West bijvoorbeeld dat ze er per toeval achter kwam dat haar 5,5 uur huishoudelijke hulp was teruggebracht naar drie uur. 'Er was iemand bij me thuis geweest om de situatie op te nemen. Die vinkte alles aan op een formulier, net als de keer daarvoor, dus ik dacht dat ik hetzelfde aantal uren zou krijgen.' Mansveld protesteerde bij de gemeente tegen de bezuiniging op haar hulp en kreeg een half uur 'terug'. 'Dat hebben ze bij meer mensen gedaan, weet ik. Iedereen die protesteert, krijgt een half uurtje terug.' Genoeg is dat niet. 'Mijn hulp kwam twee keer in de week, nu nog maar één keer. Dat betekent dat ze geen tijd meer heeft om de ramen te zemen en geen boodschappen meer kan doen.'

Veel mensen laten zich inmiddels bijstaan door advocaat Kevin Wevers, en advocaat die gespecialiseerd is in het bijstaan van mensen met klachten over hun WMO-indicatie. In veel gevallen krijgen die mensen gelijk, bleek uit onderzoek door het platform voor onderzoeksjournalistiek Investico samen met De Groene Amsterdammer, dagblad Trouw en radioprogramma Argos. Ook blijkt dat er vier jaar na de decentralisatie grote verschillen zijn ontstaan in de uitvoering van de wet omdat elke gemeente het beleid zelf bepaalt – ook al denkt de rechter daar vaak anders over. Dat leidt tot willekeur, rechtsongelijkheid en chaos. Of burgers wel of geen gepaste zorg krijgen, is afhankelijk geworden van hun postcode. Terwijl maatwerk wordt beoogd, is soms onrechtvaardigheid het resultaat.