Dreigend huisartsentekort in Nederland; wat is er aan de hand?

Explainer

Bijna eenderde van alle huisartsenpraktijken heeft dit jaar een tekort aan huisartsen. Dat is de verwachting van de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV). Huisartsen die met pensioen gaan, kunnen geen opvolger vinden waardoor sommige patiënten al een jaar geen huisarts hebben. Waar komt dit tekort vandaan, wat zijn de gevolgen en wat wordt er gedaan om dit probleem op te lossen? Lees er over in deze explainer!

Dreigend huisartsentekort in Nederland; wat is er aan de hand?

Waar speelt dit probleem?

De regio’s die het meest last hebben van het huisartsentekort, zijn onder andere Zeeland, Midden-Gelderland, de Rijnstreek en Zuid-Limburg. De Randstad lijkt de dans te ontspringen, maar de verwachting is dat op den duur ook daar problemen gaan ontstaan.

Tekst gaat door onder infographic

Oorzaak: huisartsen werken minder

De belangrijkste reden voor het oplopende huisartsentekort ligt in het feit dat de nieuwe generatie huisartsen niet meer zo hard wil werken als de huidige generatie. Volgens onderzoeksinstituut Nivel werken huisartsen gemiddeld 44,1 uur per week. Vijf jaar geleden lag dit gemiddelde nog op 60,1 uur per week. De helft van deze tijd besteden artsen aan contact met hun patiënten. De rest van de tijd besteden ze aan administratieve werkzaamheden en patiëntgebonden activiteiten.  

Deze daling komt door een trend die de laatste jaren is ontstaan bij jonge huisartsen. Huisartsen willen steeds vaker parttime werken. Dit geldt voor zowel het aantal werkdagen als de lengte van de dagen. Overwerken? Liever niet. Ook voor werken in het weekend voelt de jonge huisarts niet zoveel. Huisartsen zien hun werk minder als een missie en meer als een gewone baan. Dit heeft tot gevolg dat patiënten op eindeloze wachtlijsten staan om een huisarts aangewezen te krijgen. 

Tekst gaat door onder infographic

Praktijkhouders vs. Waarnemers

Naast het feit dat huisartsen vaker parttime werken, speelt het praktijkhouderschap een rol bij het probleem van het huisartsentekort. Wanneer een arts een praktijk start of overneemt, wordt hij praktijkhouder. Als praktijkhouder is een arts verantwoordelijk voor het onderhouden en behouden van de kwaliteit van het werk in de praktijk. Niet alleen sturen ze overige werknemers zoals receptionisten, waarnemers, assistenten aan. Ook voeren ze veel administratieve taken uit. Volgens de LHV ervaren artsen het managen van de praktijk als een last. Het verhoogt de werkdruk en gaat ten koste van het patiëntcontact.

Waarnemers hebben daarentegen alle ruimte om zich volledig op de patiëntenzorg te focussen. Ondanks het feit dat veel waarnemers van een eigen praktijk dromen, zijn er veel praktische bezwaren. Eén van die bezwaren is het noodzakelijke verhuizen naar een andere plaats of zelfs regio. Uit persoonlijke verhalen blijkt dat een verhuizing vaak lastig te combineren is met het werk van eventuele partners. Daarom wordt deze optie vaak afgewezen. Dit probleem speelt zich vooral af in de eerdergenoemde regio’s waar een huisartsentekort een grote rol speelt. Zo vertelt huisarts Arjan Roest (36) uit Middelburg in onze uitzending hoe lastig het is om opvolgers te vinden die in Zeeland willen komen werken.

Oplossingen

Dat er spoedig een oplossing voor het huisartsentekort moet komen, is wel duidelijk. Hoe dit probleem opgelost moet worden, is echter nog de vraag. Wel zijn er al verschillende initiatieven bedacht. Zo is de Zeeuwse Huisartsen Coöperatie (ZHCo) in de provincie Zeeland gestart met “de vakantiedokter”. Doordat veel Zeeuwse huisartsen zelf op vakantie gaan in de zomer en er tegelijkertijd meer artsen nodig zijn vanwege de toename van toeristen, is het tekort tijdens de zomermaanden nog groter. Daarom krijgen huisartsen van buitenaf een vakantiehuis aangeboden, waar zij gratis mogen verblijven in ruil voor een aantal diensten. Voor deze diensten worden zij ook nog eens betaald.  

Op deze manier probeert de ZHCo het werken in de regio zo aantrekkelijk mogelijk te maken en de huisartsen naar de provincie te lokken. Afgelopen zomer hebben zo’n vijftig artsen hierop gereageerd, waarvan er uiteindelijk negen echt van start zijn gegaan. Helaas werkt dit initiatief momenteel alleen in de zomer, waardoor het tekort dus maar tijdelijk wordt opgelost.

Vijf jaar lang zonder huisarts

De achterstandswijk Stokhasselt in Tilburg-Noord kampt ook met tekorten. Vijf jaar lang zaten de wijkbewoners zonder huisarts en konden zij alleen in geval van spoed elders terecht. Vanwege de drempel om een eigen praktijk te beginnen, heeft de gemeente vorig jaar het parochiehuis van de Montfortkerk omgebouwd tot een huisartsenpraktijk. Via deze weg kunnen (parttime) huisartsen toch aan de slag in deze wijk, zonder dat zij hier hun eigen praktijk hoeven te beginnen. En met resultaat; sinds vijf jaar kunnen de bewoners van Stokhasselt weer naar een huisarts. 

Wat wil de dokter?

Uit het onderzoek van de LHV blijkt dat de huisartsen zelf twee wensen hebben. Allereerst wil de huisarts meer tijd voor de patiënt. De voorkeur gaat uit naar minder patiënten per normpraktijk. Iets wat met de huidige tekorten moeilijk realiseerbaar lijkt.

Verder geven de praktijkhouders aan dat er geen extra werk op hun bordje moet komen. Nu moeten zij bijvoorbeeld administratieve taken uitvoeren, die veel te veel tijd in beslag nemen. Wanneer zij meer tijd hebben voor de patiënten, zal de kwaliteit van de zorg verbeteren. Dit zal hopelijk leiden tot minder stress en meer rust. Het gevolg: meer werkplezier en voldoening en misschien wel weer meer huisartsen?