Wat is er mis met een stapje terug?

Dat je de volgende stap in je carrière ergens hogerop komen is, nemen we vaak voor lief. Een stap terug zetten op de carrièreladder – demotie – associëren we daarom vaak met falen. Maar kun je succes na succes wel volhouden? Deze vrouwen ontdekten dat een stapje terug nemen juist de de goede stap was.

Wat is er mis met een stapje terug?

Irene Vermeer (44) rolde min of meer het bedrijfsleven in. “Ik kon makkelijk leren, maar had totaal geen idee van wat ik wilde. In een strak pak bij een groot bedrijf carrière maken was het plaatje in mijn hoofd.” Ze kwam bij een grote bank terecht waar ze uiteindelijk manager werd en een team van ruim 15 mensen aanstuurde. 

Een stapje terug

“Voor veel mensen is het hartstikke fijn werk en voor mij was dat ook lange tijd zo. Maar ik voelde me er niet altijd mezelf. Ik voelde wrijving in mijn rol als leidinggevende. Ik werkte met targets, het ging om geld en ik moest het belang van de organisatie vooropstellen ten koste van de mensen.”

Een stapje terug doen ligt niet altijd voor de hand. Dat blijkt ook uit de cijfers van het CBS. In 2016 kozen 1 op de 25 werknemers voor demotie in plaats van promotie. Hoeveel mensen dat vrijwillig deden, is niet bekend. Wel weten we dat promotie vaker voorkomt: 1 op de 6 werknemers werd in datzelfde jaar bevorderd. 

Zelfreflectie

Hoe komen mensen dan toch op het punt dat ze een stap terug doen? Voor Irene kwam het kantelpunt toen ze door complicaties tijdens haar zwangerschap verplicht thuis kwam te zitten. “Voor het eerst kreeg ik tijd om te reflecteren. Als ik 80 ben en terugkijk, ben ik dan heel blij omdat ik een gave baan had en geld verdiende? Uiteindelijk waren het andere dingen die ik belangrijk vond.”

Ze gaf haar baan op en was eerst een tijdje thuis met haar vier kinderen. “Ik ben mezelf toen echt tegengekomen, want je identificeert je vaak ook met je werk. Ik vond niet-werkende vrouwen destijds ook wel wat beperkt. Ik voelde schaamte als mensen vroegen wat voor werk ik deed. Hoe blij ik ook was met de stap want ik voelde me tegelijkertijd zo stoer en opgelucht.”

Nieuwe graadmeter

Uit onderzoek van Edith Josten en René Schalk (2016) blijkt dat mensen na een demotie tevredener zijn over de inhoud van hun werk. Irene: “Mijn graadmeter werd: waar ben ik goed in en waar word ik blij van? Nu ben ik coach en help ik anderen met het proces dat ik zelf doormaakte.”

"Je hoeft niet alles te doen wat andere mensen doen"

Mariëtte van Beek (57) ging nog een stap verder. Ze was gepromoveerd in de arabistiek en zegde in 2008 haar baan als communicatiemanager bij een ontwikkelingshulporganisatie op. 8 jaar later moest ook haar huis eraan geloven en nu heeft ze geen vaste verblijfsplaats meer. Als reisjournalist heeft ze die niet meer nodig. “Dagenlang op kantoor zitten was voor mij veel te beperkend. Nu leef ik ultiem vrij.” 

Waar salaris sommige mensen op hun plek houdt, ervaart Mariëtte dat ze maar weinig nodig heeft. Als je geen hypotheek en auto meer hebt, legt ze uit, hoef je dat geld ook niet meer te verdienen. “Ik zeg niet dat iedereen moet gaan leven zoals ik, maar je hebt wel een keuze. Je hoeft niet alles te doen wat andere mensen doen. Als ik vrienden in Nederland spreek, zijn ze weer bezig met een verbouwing of willen ze de nieuwste TV. Waarom? Waarom wacht je niet tot dat ding op is. Waarom moet je steeds groter wonen? Met die statusdingen leg je jezelf zo vast.”

De definities van succes

Beide vrouwen definiëren succes nu anders. Mariette: “Soms vragen mensen weleens ‘huh, je was toch gepromoveerd? En nu doe je dit.’ Maar dat maakt me niet uit. Ik werk misschien niet meer bij een ontwikkelingshulporganisatie, maar in de reisgidsen en artikelen die ik schrijf, kan ik alsnog maatschappelijke vraagstukken aansnijden. Dat ik me goed voel en leuke dingen doe is voor mij succes. Natuurlijk heb ik weleens zorgen in de privésfeer, net als iedereen, maar over mijn werk voel ik me goed.” 

Irene: “Succes heeft niet meer te maken met geld verdienen. Succes is dat ik er ben voor mijn kinderen, iets voor anderen kan betekenen en een goede balans heb tussen werk en privé. Ik voel nog steeds druk om te presteren, dat is blijkbaar hoe ik ben geprogrammeerd. Maar nu train ik mezelf erop daar bewust mee om te gaan. Ik geef bijvoorbeeld workshops aan werkzoekenden waar ik niet voor betaald word. Ik vind het belangrijk om mensen te leren dat ze zelf aan het stuur zitten. Ik zou het zo fijn vinden als iedereen zichzelf kon zijn. Soms lijkt het alsof we allemaal een masker dragen om te overleven op deze planeet.”