Wetgever tornt niet aan scheiding tussen kerk en staat bij versoepeling ontbinding religieus huwelijk

Het ontbinden van religieuze huwelijken gaat makkelijker worden in Nederland door een recent wetsvoorstel van minister Sander Dekker. Uit de religieuze hoek was hier al snel kritiek op, omdat dit een schending van de scheiding tussen kerk en staat zou zijn. ‘De reactie van mijn mede-theologen is niets anders dan een Pavlov-reactie’, schrijft ex-politica en theoloog Mirjam Sterk. Zij vindt dat hier helemaal geen sprake van is.

Wetgever tornt niet aan scheiding tussen kerk en staat bij versoepeling ontbinding religieus huwelijk

Ik herinner me nog goed hoe ze binnenkwam. Shirin Musa. Een kleine, fragiele vrouw, maar met een strijdbare blik in haar ogen. Zij had een duidelijk verhaal. Twee jaar lang had ze gevangen gezeten in een religieus huwelijk. Haar partner weigerde van haar te scheiden. Het was voor haar een afschuwelijke en onterende ervaring. Gelukkig gaf de rechter haar gelijk na een kort geding tegen haar man.

Shirin wist dat er nog veel meer vrouwen waren die in een dergelijke ‘huwelijkse gevangenschap’ leefden in Nederland. Deze groep vrouwen was echter niet in staat naar de rechter te stappen, zoals zij dat had gedaan. Daar moest een eind aankomen volgens deze ‘Femme For Freedom’. Shirin was vastberaden daarvoor te zorgen.

Gevangen in een huwelijk

Uit onderzoek van Esther van Eijk blijkt er in Nederland tussen de 450 en 1690 vrouwen in een dergelijke situatie leven. Dat betekent dat zij niet vrij zijn om te gaan en te staan waar ze willen. Zo wordt reizen naar andere landen hun bemoeilijkt. Het gaat met name om vrouwen in orthodoxe kringen binnen het jodendom, christendom, hindoeïsme en de islam.

De consequenties kunnen extreem risicovol zijn. Zo lopen Pakistaanse vrouwen volgens de ‘sharia’ zelfs het risico gestenigd te worden als ze met een nieuwe partner naar hun land van herkomst zouden reizen. En dat terwijl ze Nederlandse staatsburgers zijn.

Wetsvoorstel

Nu, zo’n vijftien jaar later ligt er – eindelijk - een wetsvoorstel klaar, dat aan deze gevangenschap een eind zou kunnen maken. De rechter zou dan bij de echtscheidingsprocedure de echtgenoot kunnen bevelen mee te werken aan de ontbinding van het religieuze huwelijk. Als hij dat niet doet (het zijn immers meestal vrouwen die het slachtoffer zijn), dan kan dat leiden tot maatregelen. Bijvoorbeeld een dwangsom of erger.

Bij de huidige wetgeving gebeurt dat niet meteen bij de indiening van het verzoek tot ontbinding van het burgerlijke huwelijk. Voor veel van deze vrouwen is nadien de stap te groot (ook financieel) om zelf naar de rechter te stappen.

Pavlov-reactie

Opgelucht haalde ik adem toen ik las over het wetsvoorstel. Dit is een gigantische overwinning voor Shirin Musa en alle vrouwen die in onvrijheid leven in ons land. Maar tot mijn grote verbazing kwam er onmiddellijk kritiek van mijn collega-theologen, voornamelijk uit de katholieke traditie, op deze wetgeving. Het zou volgens hen een inbreuk zijn op de scheiding tussen kerk en staat.

Hoewel ik de eerste ben om te zeggen dat we met deze scheiding heel zorgvuldig om moeten gaan, vind ik de kritiek in dit geval erg misplaatst. De overheid schrijft immers niet de regels voor religieuze huwelijken in dit wetsvoorstel. Als dat zo was, zou de overheid inderdaad een grens overgaan.

De reactie van mijn mede-theologen is niets anders dan een Pavlov-reactie. Het wetvoorstel biedt alleen de mogelijkheid van een betere bescherming van de individuele rechten van iemand die wil scheiden, als deze worden geschonden. Dit kan de rechter nu ook al, maar daarvoor is een extra procedure nodig. Nu zou dat onmiddellijk kunnen bij de eerste gang naar de rechtbank.

Criticasters voeren de verkeerde discussie

Het zijn juist deze Pavlov-reacties uit de wereld van de kerk, die begrip en sympathie voor de scheiding tussen kerk en staat geen goed doen. In een wereld die deze scheiding regelmatig ter discussie stelt, is het juist zaak daarover alleen discussie te voeren als er daadwerkelijk sprake is van een dreiging.

Ik vraag me af of alle criticasters überhaupt wel de tekst van het voorstel gelezen hebben. De wetgever tornt immers niet aan de scheiding en vraagt om een afweging van de grondrechten. Wat de staat wel doet, is deze vrouwen weer het recht op een leefbaar leven geven in vrijheid. Zonder angst en geweld. Dat vraagt onvoorwaardelijke steun van ons allemaal of we nu van de staat of de kerk zijn.