Column: Jeugd + Zorg = moeilijk

NieuwLicht samensteller Tjitske Stoit geeft een inkijk in haar werkzaamheden

Vorige week hoorde ik op radio een ontluisterend interview met een ex-pleegmoeder. Een vrouw die vol idealisme en goede bedoelingen haar huis en gezin had opengesteld voor kinderen die in een rotsituatie zitten. Ze keek nogal verdrietig terug op de periode van pleegzorg. De boodschap: steeds meer pleegouders stoppen ermee, terwijl er juist steeds meer pleegouders nodig zijn.

Column: Jeugd + Zorg = moeilijk

Jeugdzorg: moeilijk moeilijk

Zondag ging er een spiksplinternieuwe serie van 15 afleveringen van NieuwLicht van start. De redactie is al weken bezig om na te denken over thema’s, gasten en de insteek per onderwerp. Momenteel werk ik met een team aan een mogelijke aflevering over jeugdzorg. We zijn er al eens eerder aan begonnen, maar het onderwerp is erg complex en een goede invalshoek vinden valt niet mee. Bovendien is het kwetsbaar; het gaat over onze kinderen, en wie aan onze kinderen komt, komt aan ons… 

Maar juist daarom ook een heel belangrijk thema. Bovendien groeien de wachtlijsten en rijzen de jeugdzorgkosten de pan uit; alle belastingbetalers hebben er dus mee te maken.

Afgelopen weken voerden we daarom op de redactie gesprekken met elkaar over de jeugdzorg en de achterliggende problemen. Want hoe komt het nou dat steeds meer kinderen en jongeren hulp nodig hebben? Hoe kan het dat steeds meer gezinnen het niet redden? 

De zichtbaarheid van de problemen is toegenomen door de decentralisatie, hoor je dan. En: de mensen weten beter de weg nu de zorg letterlijk dichter bij huis gekomen is. En daar zal best een deel van de groei van hulpzoekers door te verklaren zijn. 

Stapel

Toch bekruipt mij het gevoel dat dat niet het enige is. Het is iets groters, iets wat met trend te maken heeft en met cultuurverschuiving. Verschuiving van prioriteiten van jou en mij, als werkende ouder maar ook als samenleving.

Vorig jaar maakten we een aflevering over het hoge aantal scheidingen in Nederland en de toename van het aantal vechtscheidingen. Daarnaast: ouders zijn samen steeds meer gaan werken. Kinderen brengen meer uren dan ooit door op het kinderdagverblijf of de buitenschoolse opvang. Plus: steeds meer kinderen krijgen een diagnose, een label. Dat kan fijn zijn om handvatten te krijgen hoe je kan omgaan met je kind, maar waarom worden het er steeds meer? En ook: kinderen klagen over het vele smartphone gebruik van hun ouders, en zijn er zelf ook drukker mee dan ooit. 

Ik juich heel veel ontwikkeling toe, en kan het allemaal begrijpen. Maar de stapeling van deze zaken zegt misschien wel iets over de oorzaak waarvan we, denk ik, de symptomen in de jeugdzorg proberen te bestrijden. 

'Mijn kind spoort namelijk niet'

De oorzaak zou namelijk wel eens kunnen zijn: de instabiliteit van gezinnen, vertelde een jeugdhulpverlener mij laatst. Als er thuis rust is, zitten kinderen lekkerder in hun vel. Als ouders beschikbaar zijn, niet alleen fysiek maar ook mentaal, voelen kinderen zich gehoord. Als ouders het goed hebben met elkaar, voelen kinderen dat haarfijn aan en reageren ze anders dan als er steeds spanning is in huis. 

En als ouders de ruimte hebben om na te denken over de aanpak van een kind dat misschien druk, verdrietig of depressief is, is het zelf-oplossend vermogen van dit gezin een stuk groter dan als de situatie tussen ouders complex is, de druk in het gezin hoog is en men elkaar weinig ziet. Dan wordt de situatie eerder onhoudbaar en is er jeugdzorg nodig; ‘mijn kind functioneert niet, wat is er mis met hem?’ Maar ligt het probleem eigenlijk wel bij de opstandige puber of het verdrietige kind?

Duh...

What’s new, denk je misschien. Het voelt zó logisch, maar het blijkt moeilijker te zijn dan je denkt om een stabiel thuis te creëren en een beetje oprechte aandacht voor elkaar te hebben. Als je in een pessimistische stemming bent, zou je kunnen denken dat onze samenleving ontwricht raakt doordat we niet meer weten hoe we goede relaties moeten aangaan.

Ik zou bijna willen opschrijven: misschien was het idee van gezin als hoeksteen van de samenleving zo slecht nog niet. Maar dat voelt wel heel erg als: vroeger was alles beter. En zo oud ben ik nou ook weer niet. En het CDA is te weinig mijn partij. 

Reflectie

Natuurlijk leven we (nog) niet in de hemel en zie ik mijn eigen gezin genoeg gedoe en onrust. Een ideaalplaatje schetsen heeft nog niet iemand buiten de hulpverlening gehouden. Maar het zet mij wel aan het denken. We mogen als grote mensen best even stil staan om te reflecteren. Hoe vaak leg ik mijn telefoon echt even weg als ik met de kinderen thuis ben? Hoe vaak vraag ik even door over een situatie op school en kan ik mijn eigen (vaak werkgerelateerde) gedachten even parkeren? En ook: investeer ik genoeg in de relatie met mijn leuke man, zodat we het goed hebben? 

En nee, pleegmoeder worden lijkt me echt a bridge to far. Ik vind het al een hele prestatie als onze kinderen over een jaar of 10 uitvliegen en er voor hen geen pleegzorg nodig is geweest. Maar wie weet wat de toekomst brengt. Want het staat als een paal boven water dat pleegouders alle respect verdienen en een dik applaus. Want dankzij hen is er voor een heleboel kinderen toch nog wat gezinsstabiliteit te proeven. 

En die uitzending van NIeuwLicht… daar denken we nog even over na.