Wetsvoorstel Voltooid Leven

Explainer

Wat is voltooid leven? Letterlijk genomen en in algemene zin is die vraag natuurlijk niet te beantwoorden. Gelukkig maar, zou je kunnen zeggen. ‘Voltooid Leven’ is echter ook de naam van het initiatiefwetsvoorstel van Pia Dijkstra namens D66. En daar valt wel wat over te zeggen.

Wetsvoorstel Voltooid Leven

Dit wetsvoorstel ‘Voltooid Leven’ legt zij binnenkort voor aan de Tweede Kamer. En met Voltooid Leven wordt hierin het volgende verstaan: de situatie waarbij mensen boven de 75 jaar oud een ‘vrijwillige, weloverwogen en duurzame’ wens hebben te sterven zonder dat daarbij medische factoren een rol spelen.  

Waarom dit wetsvoorstel?

Pia Dijkstra van D66

Wie nu wil sterven, kan dus alleen maar een beroep doen op de huidige euthanasiewet. In veel gevallen zal hiermee ook de wens om te sterven vervuld kunnen worden, omdat er in de meeste gevallen een medische grondslag voor het lijden is. Medische gronden, waaronder ook psychisch lijden of een opeenstapeling van ouderdomsklachten, zijn wel een vereiste voor euthanasie binnen de huidige wet.  

Volgens de makers van de initiatiefwet zijn er echter ook mensen die willen sterven, zonder dat daar medische factoren een rol spelen. Deze wens kan volgens D66 ontstaan bij ouderen die ‘lijden aan een voor mensen te lang geworden leven’. Deze mensen kunnen dus niet terecht binnen de huidige euthanasiewet. Een aparte wet hiervoor moet daarom in het leven worden geroepen. Zo zouden ook deze mensen kunnen sterven wanneer en zoals zij dat willen.  

D66 kiest er bewust voor om Voltooid Leven niet binnen de huidige euthanasiewet te regelen, omdat deze wet alleen ziet op levensbeëindiging bij medisch lijden. Pia Dijkstra publiceerde haar voorstel al eind 2016 zonder deze in te dienen. Het was de bedoeling dat hier eerst een maatschappelijke discussie over gevoerd zou worden. En zo geschiedde. 

Wetsvoorstel Voltooid Leven in grote lijnen

  • Om in aanmerking te komen moet iemand 75 jaar of ouder zijn; 
     
  • Het betreft mensen die niet voor euthanasie in aanmerking komen, maar die wel hun leven als voltooid beschouwen; 
     
  • Deze mensen gaan eerst in gesprek met een levenseindebegeleider; 
     
  • Er moeten minstens twee gesprekken met de levenseindebegeleider worden gevoerd en daar moet minstens twee maanden tussen zitten; 
     
  • De levenseindebegeleider is een arts, verpleegkundige of psychiater die een speciale kopstudie heeft gevolgd om levenseindebegeleider te mogen worden; 
     
  • De levensbegeleider moet toetsen of de doodswens authentiek en consistent is, en of er geen andere oplossingen mogelijk zijn; 
     
  • Indien de levenseindebegeleider akkoord gaat, wordt er een stervensdatum afgesproken; 
     
  • De levenseindebegeleider haalt het dodelijke middel bij de apotheek, bewaart het thuis, dient het toe op de afgesproken datum, blijft er bij tot de cliënt dood is en brengt het eventuele restant terug naar de apotheek; 
     
  • Een toetsingscommissie toetst of alles volgens de regels is verlopen. 

Achtergrond: van euthanasie naar Voltooid Leven

Els Borst en Pia Dijkstra

De discussie over actieve levensbeëindiging is niet nieuw. Wel heeft de discussie in de loop der jaren een ander karakter gekregen. Waar het in eerste instantie draait om verlossing uit een ondraaglijk en uitzichtloos medisch lijden, draait het nu meer en meer om recht op een zelfgekozen levenseinde, om zelfbeschikking. In dat plaatje past ook Voltooid Leven. De omgeving lijkt daarbij minder bepalend te worden voor de degene met een doodswens. 

Het idee van een zelfgekozen levenseinde bij ouderen zonder medische gronden is ook weer niet heel nieuw. Al in de jaren negentig speelde bijvoorbeeld de discussie over de zogenaamde ‘Pil van Drion’. In 1991 publiceerde rechtsgeleerde Huib Drion een essay in NRC Handelsblad, met de titel ‘Het zelfgewilde einde van oude mensen’. Hij vroeg zich daarin af of het mogelijk is dat ouderen bij hun huisarts zouden kunnen aankloppen voor een 'pil’ om zelf hun leven te beëindigen als zij daar de tijd daar rijp voor achten. Het idee was dat het zelfdodingsmiddel bestond uit twee delen die men met tussenpozen van enkele dagen moest innemen zodat men er nog eens over na moest denken en het proces alsnog kon staken als men van gedachten zou veranderen.  

Oud-minister van Volksgezondheid Els Borst (D66) was voor legalisatie van deze ‘pil’. Els Borst was minister van Volksgezondheid in de kabinetten-Kok I en Kok II. Onder haar ministerschap werd in 2002 euthanasie op medische gronden al wettelijk mogelijk.  

In 2010 startten bekende Nederlanders zoals Frits Bolkestein, Jan Terlouw en Mies Bouwman het burgerinitiatief Uit Vrije Wil, waarin zij vroegen om legalisering van stervenshulp aan ouderen die dat wensen.  

Angst voor ouderdom

In februari 2016 kwam socioloog Paul Schnabel in opdracht van de overheid met het rapport ‘Voltooid Leven’. De commissie-Schnabel oordeelde dat het niet nodig is aparte wetgeving op te stellen voor ouderen met een voltooid leven omdat de euthanasiewet hiervoor afdoende is. Dit omdat er doorgaans sprake is van een stapeling van ouderdomsklachten en daarom van een medische grondslag.  

Verder schetst hij de nodige ethische en juridische bezwaren en gevaren van de zelfbeschikking als basis voor uitbreiding van de wet.   

Paul Schnabel

Ook stelt Schnabel dat de vraag naar een wet vooral ingegeven wordt door angst voor gebreken die met ouderdom gepaard gaan. Terwijl die gebreken overigens tegenwoordig al genoeg zijn om euthanasie te krijgen. 
Hij komt tot de conclusie dat mensen ouderdom moeten leren accepteren, dat we eenzaamheid moeten voorkomen, er meer aandacht moet zijn voor zingeving en spirituele zorgen en dat we de waarde van ouderdom weer moeten gaan zien. 

Voorstanders van een aparte 'voltooid leven-wet' zijn van mening dat er toch echt ook ouderen zijn die hun leven als voltooid beschouwen, zonder dat er medische factoren een rol spelen. Dit was alleen nog nooit onderzocht en dus waren hierover geen aantallen te noemen.  

Eind 2016 kwam Pia Dijkstra dus met het wetsvoorstel Voltooid Leven. Dit was op z’n zachtst gezegd al niet bevorderlijk voor de formatie van ons huidige kabinet in 2017. Men vond elkaar in de afspraak dat men de kwestie dan maar zou laten onderzoeken. Dijkstra gaf toen aan dat ze nog zou wachten met het indienen van de wet tot het onderzoek naar de doelgroep in opdracht van het kabinet afgerond was.  

Onderzoek Voltooid Leven

In 2016 promoveerde onderzoekster Els van Wijngaarden op het onderwerp Voltooid Leven. Zij kwam daarin tot de conclusie dat er op de achtergrond vaak veel meer meespeelt bij ouderen die zeggen een Voltooid Leven te hebben. Zorg, zingeving en sociale cohesie zijn daarin belangrijke factoren. Ze concludeerde dan ook terughoudend te zijn waar het aparte wetgeving Voltooid Leven betreft.

Van Wijngaarden is nu ook gevraagd om in opdracht van het kabinet de doelgroep in kaart te brengen. Hoe groot is deze? En wat zijn de omstandigheden van de mensen met een doodswens? 

De uitslag van dit onderzoek wordt 31 januari verwacht.  

Alternatief: waardig ouder worden

Tegenstanders van een wet op Voltooid Leven zeggen dat een dergelijke wet de kijk op ouder worden weleens drastisch kan veranderen. Ook zou een dergelijke wet druk leggen op kwetsbare ouderen die wel gewoon oud willen worden met alle gebreken van dien. Men schuift de wens om te sterven eerder toe aan een gebrek aan goede zorg en aandacht voor ouderen.  

De ChristenUnie kwam in 2017 met een tegenoffensief onder de naam ‘waardig ouder worden’. Samen met omroep Max, de ouderenbonden en SP en CDA publiceerde de partij een manifest waarmee ze het welzijn van ouderen willen vergroten. De ChristenUnie, tegenstander van actieve levensbeëindiging bij een voltooid leven, vindt dat er eerst werk gemaakt moet worden van ‘het voorkómen van voltooid leven’. 

Meerderheid Nederlanders voor wet Voltooid Leven

Hoewel de doelgroep nog niet in kaart is gebracht, heeft men in ons land al wel een mening over een eventuele wet die actieve levensbeëindiging bij voltooid leven mogelijk maakt. Eind 2019 kwam het CBS met cijfers waaruit bleek dat 55 procent van de Nederlanders voorstander is van ‘euthanasie’ van mensen die lijden aan het leven.  

Euthanasie: zo oud als de weg naar Athene...

Het woord euthanasie komt uit het Grieks: Eu is ‘goed’ en thanatos ‘dood’. Een goede dood dus. Voor de oude Griek was het heel belangrijk hoe je stierf. Goed sterven was een bekroning op het leven. Dat moest je zelf in de hand kunnen houden. Zo was het soms eervoller zelf je leven te beëindigen dan dit aan het lot over te laten met alle risico’s op een oneervolle dood van dien. Bijvoorbeeld op het slagveld, voordat je in handen viel van de vijand.  

En daarmee lijkt de oude Griekse euthanasie eigenlijk meer op Voltooid Leven: Lees het artikel in het Historisch Nieuwsblad er maar eens op na.  

“In de Oudheid was euthanasia, Grieks voor ‘wel-sterving’, iets geheel anders, namelijk een levenseinde dat een leven bekroonde. De verantwoordelijkheid lag niet bij een arts, maar bij de stervende zelf. Zijn keuze voor een ‘goede dood’ bepaalde of er sprake was van euthanasie of niet. De gekozen dood was niet zozeer een uitweg uit het lijden, maar een passende bekroning van het leven. De ideale bekroning was niet voor iedereen hetzelfde. Helden, filosofen en keizers kozen hun eigen type goede dood.”