Dit is waarom de agrarische regelgeving zo ingewikkeld is

"Wat goed is voor het één is minder goed voor het ander. Dat is typerend voor het Nederlandse beleid," vertelde melkveehouder Geert-Jan Kloosterboer in de laatste uitzending van NieuwLicht op 'De goede boer'. De boeren gaan gebukt onder agrarische wet- en regelgeving, maar hoe zit de agrarische wet- en regelgeving eigenlijk in elkaar? En wat maakt het zo ingewikkeld?

Dit is waarom de agrarische regelgeving zo ingewikkeld is

De wet- en regelgeving waar boeren mee te maken hebben is onder te verdelen in een privaat en publiek deel. Vanuit de markt moet de boer rekening houden met allerlei keuringsdiensten, keurmerken en kwaliteitseisen vanuit ketenpartners als supermarkten. Daarnaast hebben ze te maken met samenwerkingsinitiatieven als natuurgronden. Vanuit de overheid worden de Europese richtlijnen gehanteerd. Ook worden er ook vanuit het Rijk, provincie, gemeenten of waterschappen regels opgelegd.

Tientallen regels

Een duidelijk beeld schetsen van de regels en eisen waar een boer mee te maken krijgt is daardoor lastig, zo niet onmogelijk. Mark Heijmans is themacoördinator van landbouwvereniging LTO. De organisatie vertegenwoordigt ruim 35.000 agrarische ondernemers en maakt zich sterk voor hun economische en maatschappelijke positie.

Zo ook op het gebied van wet- en regelgeving. "De belangrijkste wetten en regels voor de boeren zijn niet samen te vatten. Bij elk bedrijf is het verschillend en aan elke wet hangen weer bepaalde voorschriften. Ik kan er bijvoorbeeld wel 50 noemen die met mestwetgeving te maken hebben," vertelt hij. "Er moet gelet worden op de periode waarin de mest wordt uitgereden op het land, wat voor stoffen het bevat, wat voor mest het is en voor welke gewassen het wordt gebruikt, of het dierlijke mest is of kunstmest, nat of droog en ga zo maar door. Daarnaast houdt de boer mest over die naar andere bestemmingen moet worden gebracht. Daar komt de transportregelgeving aan het licht. Zo hangt alles aan elkaar en dat is dan ook een van de problemen: Er zijn zoveel wetten en regels dat de boer door de bomen het bos niet meer ziet."

Opstapelen

De mestwetgeving is al tientallen jaren constant in ontwikkeling. Dat maakt dat de regels en wetten zich opstapelen. Heijmans: "Dat betekent dat een regel uit 1991 nog steeds geldt terwijl die in een hele andere tijd en met hele andere kennis is opgesteld. Het zou een goed voornemen zijn dat de overheid voor elke nieuwe regel een oude afschaft. Maar ook dat gaat niet zomaar van de een op de andere dag gebeuren. De wetten en regels gaan over onderwerpen waar al tientallen jaren over gepraat wordt en in Brussel verlopen dat soort processen traag."

Administratie

De boer kan al lang niet meer in zijn eentje de administratie bijhouden. "Er zijn zo'n 50.000 boeren in Nederland die worden omringt met adviseurs en specialisten. Die groep groeit alsmaar door," licht Heijmans toe. Er zijn adviseurs voor stikstofbeleid, iemand voor de gewasbescherming, nog een specialist op het gebied van dieren welzijn. Al die mensen komen samen op één boerenerf. Het aantal agrarische adviesbureau's is volgens de Kamer van Koophandel in de afgelopen 5 jaar dan ook bijna verdubbeld. "Al zegt dat weinig over het aantal personen dat werkzaam is op dat gebied."

De boer heeft de adviseurs hard nodig, want als er een fout wordt gemaakt in de administratie kan hij of zij een hoge boete krijgen. Heijmans: "Geen enkele boer wordt op zijn blauwe ogen geloofd. We gaan er vanuit dat de boer een crimineel is. Natuurlijk moet elke ondernemer gecontroleerd worden, maar op deze manier gaat het wel heel ver."

Bekijk de uitzending over 'De goede boer' hier.