Antisemitisme op social media: waar ligt de verantwoordelijkheid?

Afgelopen maandag en dinsdag was het op Twitter 48 uur lang stiller dan normaal. De reden: Joodse gebruikers uit verschillende landen besloten uit protest, samen met sympathisanten, om 48 uur lang geen gebruik te maken van Twitter. Volgens hen zou het socialmediakanaal te weinig doen tegen de verspreiding van antisemitisme. Ook in Nederland komen antisemitisme en andere vormen van haatzaaiing op internet regelmatig voor. Minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid is bezig met een plan om dit harder aan te pakken.

Antisemitisme op social media: waar ligt de verantwoordelijkheid?

Met de hashtags #NoSafeSpaceForJewHate en #48HoursSilence werd er geprotesteerd tegen antisemitisme op Twitter. Daarnaast veranderden actievoerders hun profielfoto, onder wie ook verschillende beroemdheden: Harry Potter-acteur Jason Isaacs, oud-voetballer Gary Lineker, zangeres Sophie Ellis-Bextor en de Britse opperrabbijn Ephraim Mirvis. Organisaties als het Londense Royal Opera House en Greenpeace sloten zich ook aan bij de Twitterstilte.

Ophef na antisemitische tweets

De ophef is ontstaan na een serie tweets van de Britse rapper Wiley, waarin hij Joden ‘slangen’ en ‘lafaards’ noemde. Ook beweerde hij dat ze een oorlog voeren tegen zwarte mensen en verantwoordelijk zijn voor de slavenhandel. Hij ging zelfs zo ver, dat hij Joden vergeleek met de Ku Klux Klan. Daarbij zei hij: "Hitler kan me niks schelen, zwarte mensen kunnen me iets schelen".

De tweets werden pas 48 uur na het plaatsen door Twitter verwijderd. Toen de rapper vervolgens overging op het verspreiden van antisemitische uitingen op Facebook en Instagram, werden zijn accounts gelijk verwijderd. Twitter heeft het account van Wiley opgeschort, maar niet verwijderd.

Reactie Twitter

Een woordvoerder van Twitter liet aan CNN weten dat er snel actie wordt ondernomen tegen Wiley’s tweets. "Ons beleid verbiedt het aanmoedigen van geweld - of de dreiging van aanvallen - tegen mensen op basis van religie, ras en etniciteit en het is ook tegen de regels van Twitter om haatzaaiende afbeeldingen te plaatsen."

Grapperhaus wil hardere aanpak internetbedrijven

De afgelopen tijd liggen sociale media vaker onder vuur omdat ze volgens critici te weinig doen tegen de verspreiding van haat. Ook reageerde minister Grapperhaus (CDA) van Justitie en veiligheid begin juli op de toename van antisemitisme op internet. Hij werkt aan een plan om internetbedrijven die antisemitische- of andere haatberichten niet snel verwijderen, aan te pakken.

‘Namen en shamen’

Hierover zegt Grapperhaus tegen de Telegraaf: “Eerst aanspreken, binnen 24 uur laten verwijderen en anders gaan we ze ’namen en shamen’ en volgen er boetes. Internet is voor hate speech zo langzamerhand een automatisme geworden. We moeten dat niet meer als maatschappij willen faciliteren.”

Bedrijf of afzender aanpakken?

Het 48 uur durende protest was vooral gericht op het feit dat Twitter niet genoeg doet om de verspreiding van antisemitisme tegen te gaan en ook Grapperhaus zegt dat hij internetbedrijven die dit toelaten harder wil gaan aanpakken. Wat vind jij? Ligt de verantwoordelijkheid bij de internetbedrijven? Of moet er beter gekeken worden naar wie de afzenders van dergelijke haatzaaiende berichten zijn en zouden zij juist harder aangepakt moeten worden?