De zaak Ruinerwold: Waar ligt de grens tussen godsdienstvrijheid en vrijheidsberoving?

Donderdag 2 juli vond de derde pro-formazitting in de Ruinerwoldzaak plaats. De advocaat van klusjesman Josef B. verklaart dat de 'Ruinerwoldkinderen' uit vrije wil op de boerderij verbleven en dat er dus geen sprake is van vrijheidsberoving. Voor vader Gerrit Jan van D. is de boerderij een plek waar hij op religieuze gronden zijn eigen Hof van Eden heeft willen creëren. Maar hoe ver mag je als ouder gaan om omwille van je geloofsovertuiging je kinderen weg te houden uit de samenleving?

De zaak Ruinerwold: Waar ligt de grens tussen godsdienstvrijheid en vrijheidsberoving?

Tijdens de derde pro-formazitting in de rechtbank van Assen komt naar voren dat de zes 'binnenkinderen' in de Ruinerwoldzaak niet beroofd zijn van hun vrijheid. De verdenkingen tegen vader Gerrit Jan van D. bestaan uit vrijheidsberoving, (seksuele) mishandeling en witwassen. De eerste is de hoofdaanklacht, maar is tevens de aanklacht die discussie oproept. Volgens Yehudi Moszkowicz, advocaat van de medeverdachte Oostenrijkse klusjesman Josef B, konden de kinderen gaan en staan waar ze wilden. De kinderen zouden tevens zelf verklaard hebben dat zij niet tegen hun wil zijn vastgehouden en de vrijheid hadden om -indien gewenst- te vertrekken.

Het staat natuurlijk buiten kijf dat ernstige misdrijven zoals (seksuele) mishandeling berecht moeten worden. Maar als de Ruinerwoldkinderen zelf aangeven de vrijheid gehad te hebben om te vertrekken, is er dan wel sprake van vrijheidsberoving? En hoe zit het met het recht op godsdienst? Volgens Artikel 6 van onze Grondwet mag iedereen zijn eigen godsdienst of levensovertuiging kiezen en zich op zijn eigen manier daarnaar gedragen, mits dit past binnen de wettelijke regels.

Hof van Eden

In het boek "Spookhoeve Ruinerwold" beschrijven misdaadjournalisten Silvan Schoonhoven en Marcel Vink hoe het zo ver is gekomen dat Gerrit Jan van D. zich samen met zijn zes kinderen negen jaar lang afzondert van de wereld. Al op jonge leeftijd beweert Gerrit Jan visisoenen van God te ontvangen. Hij krijgt een christelijke opvoeding, maar combineert zijn christelijke fundament later met mystieke en esotherische elementen.

Hij vindt geen aansluiting bij traditionele christelijke groeperingen en zoekt zijn heil bij de Verenigingskerk van de Koreaan Sun Myung Moon. Volgens Moon is Jezus te vroeg gestorven om te trouwen en kinderen te krijgen. Hierdoor is het voor Moons volgelingen het hoogste doel om zoveel mogelijk nageslacht te krijgen en daarmee te doen wat Jezus niet kon. Door deze zondevrije jonge kinderen kan de mensheid zich zuiveren.

Vader Gerrit Jan van D. wordt sindsdien gedreven door de religieuze wens om een eigen Hof van Eden te stichten, waar zijn eigen -het liefst zo groot mogelijke- gezin het heiligste der heiligen is en beschermd moet worden tegen kwade invloeden van de buitenwereld.

Zonnehuis

In Ruinerwold stuit Gerrit Jan van D. op de ideale locatie om zijn droom te verwezenlijken: een afgelegen boerderij die hij door middel van zandwallen en begroeiing steeds verder aan het oog van de buitenwereld onttrekt. Want die buitenwereld brengt kwade en onreine invloeden met zich mee. Gerrit Jan doet er samen met klusjesman Josef B. alles aan om de kinderen weg te houden van invloeden van buitenaf om ze op die manier zo zuiver mogelijk te houden.

Hij plaatst een groot hek rondom het terrein voorzien van een houten logo: een vierkant met daarin een cirkel. Symbool voor de zon -ofwel zijn gezin- omsloten door vier muren.

Buiten- en binnenkinderen

De drie oudste kinderen van Gerrit Jan -de zogenaamde Buitenkinderen- gaan wel enkele jaren naar school en hebben een leven buitenshuis. De zes Binnenkinderen -tussen de 16 en 25 jaar- komen nooit buiten. Ze staan niet ingeschreven bij de gemeente en zijn dus niet bekend bij officiële instanties. Onderwijs volgen ze middels YouTube en via internet krijgen ze wel mee wat er in de wereld gebeurt. Dit laatste schrikt ze alleen maar af en onderdrukt de neiging om naar buiten te gaan. Iets wat dus wel kán. Advocaat Moskowicz verklaart dat alle kinderen unaniem hebben aangegeven dat ze geen strobreed in de weg is gelegd om te gaan en staan waar ze willen.

Geen onderwijs

Waar ligt de grens tussen godsdienstvrijheid en het overtreden van wettelijke regels? Uiteraard moet het proces nog plaatsvinden en zal onze rechterlijke macht uitspraak doen over Gerrit Jan van D., wiens psychische gesteldheid maar moeizaam kan worden onderzocht als gevolg van afasie, ontstaan door een eerdere hersenbloeding. 

Gerrit Jan gaf de jongste zes kinderen na hun geboorte nooit aan bij de gemeente. Iets wat wel verplicht is. Maar wat scholing betreft is er ruimte voor uitzondering. Voor ouders die geen school passend bij hun religie of levensovertuiging kunnen vinden op redelijke afstand van hun woning, bestaat de mogelijkheid om vrijstelling van onderwijs te krijgen. Het zogenaamde Richtingsbezwaar biedt hier mogelijkheid toe. Overigens bestaat deze mogelijkheid alleen als burgemeester en wethouders van de gemeente hiervan kennis hebben gegeven. Voor de zes kinderen van Van D. was dit niet het geval.

Wat als...?

Wat als Gerrit Jan van D. zijn kinderen wél had aangegeven na hun geboorte en de gemeente op de hoogte had gesteld van het feit dat er geen geschikt onderwijs voor zijn kinderen voorhanden was. En dat ze dus binnenshuis zouden leren en leven. Zou het weten over het bestaan van de kinderen voldoende grond zijn geweest om het levenswerk van Van D. in tact te laten? Of wijkt het teveel af van wat de maatschappij als 'normaal' bestempelt?

Godsdienstvrijheid en onderwijsvrijheid zijn belangrijke grondwettelijke pijlers. Over enkele maanden -naar alle waarschijnlijkheid eind 2020 of begin 2021- zal in het proces tegen Gerrit Jan van D. blijken wanneer deze vrijheden de grens overgaan naar vrijheidsbeperking. 

Geef jouw mening over godsdienstvrijheid